Responsable Young Carers


 

jouw naam:
 
jouw e-mailadres:
 
verhaal:
 
vorige pagina/volgende pagina
  Erica Vervecken 18/5/2009
Ik vind dit een prachtig initiatief!

Was in mijn jeugd ook een RYC doordat mij moeder, toen ik 18 jaar was, een zware CVA heeft gehad. Hierdoor kreeg ik als enigste dochter een gezin in mijn nek gesmeten dat ik moest draaiende zien te houden.

Heb dus hierdoor ook mijn jongste broer gedeeltelijk mee opgevoed. Die was immers nog maar 9 jaar.

Dus weet echt wel wat het is om als tiener zo'n zware opgave te krijgen.

Dus naar alle huidige RYC en toekomstige RYC...weet dat je een forum hebt waarop je je verhaal kwijt kan! En weet dat je echt niet de enige bent die in zulke situatie zit.

groetjes
een al iets oudere RYC

  Joop 12/5/2009
Olga (19) houdt er elke dag rekening mee dat haar vader opeens ernstig ziek kan worden en naar het ziekenhuis moet. Hij heeft een zeldzame aandoening waardoor hij niet kan eten; via een infuus krijgt hij kunstmatige voeding. ‘De laatste jaren was het steeds ziekenhuis in, ziekenhuis uit,’ vertelt Olga. ‘Een paar keer was hij er heel ernstig aan toe, op het randje van de dood. Soms moet ik à la minute naar het ziekenhuis. Altijd als mijn vader belt, maak ik me zorgen. Elke dag is het weer afwachten hoe het zal gaan.’
Olga volgt de opleiding Paardenhouderij en management, en werkt zaterdags op een paardenbedrijf. Als haar vader ziek is, komt veel zorg op haar neer: haar ouders zijn gescheiden, haar oudere broer lijdt aan ADHD en autisme en is bovendien voor zijn werk veel weg.
Olga is onlangs gaan samenwonen. ‘Vrienden en kennissen zeiden al langer dat ik beter wat minder tijd in de zorg kon steken. Ik had weinig tijd voor mezelf en mijn schoolwerk leed eronder. Nu woon ik samen met mijn vriend, vijfhonderd meter bij mijn vader vandaan. Hij heeft extra verpleging thuis en ik ga door de week vaak langs. Maar het was een moeilijke keuze; ik voelde me schuldig omdat ik uit huis ging.’

  Timo 12/5/2009
Voortdurend rekening houden met je broertje

Nee hoor, hij is helemaal niet zielig. Het is thuis alleen anders, drukker. Dat moet je vriendjes die op bezoek komen vaak uitleggen. Die vinden het soms wel gek wat er gebeurt. De dertienjarige Timo, frisse gel in de krullenbol, neemt het leven zoals het zich heeft aangediend: broertje Martijn van 10 is ernstig autistisch (syndroom van Asperger), zusje Madelief (8) heeft een andere vorm van autisme. En dan is Merel er nog, maar die gedraagt zich gewoon als de vijfjarige die ze is. Opvallend, zoals Timo zijn leventje ziet, want met twee ‘bijzondere’ kinderen thuis kun je beslist niet spreken van een alledaagse situatie. Martijn kan snel enorm boos worden en dan is er urenlang geen land met hem te bezeilen. Timo doet veel met Martijn. De tienjarige kijkt nogal op tegen zijn oudere broer, en vraagt hem vaak te helpen als iets niet lukt. Dat kan aardig uit de hand lopen als het niet gaat zoals Martijn het wil, of als Timo een spelletje wint. Dan is het huis te klein.

‘Ik moet me heel vaak aanpassen, Martijn vooral zijn zin geven. We moeten ook nooit druk zijn als hij in de buurt is. Dan gaat het mis. Voor mij is dat heel normaal, maar vriendjes die hier komen, kijken daar heel raar van op. Dat je iemand steeds de zin geeft. Of zo maar enorm kwaad op iedereen kan worden. Dan moet ik dat uitleggen.’

Voor Timo is dit leven heel gewoon, maar toch mist hij bepaalde dingen. Zoals met z’n allen eens naar een subtropisch zwembad gaan, een grote wens. ‘Dat gaat gewoon niet. Als Martijn iets niet zint, wordt het een drama en kijkt iedereen naar ons. En je moet hem en Madelief heel erg in de gaten houden. Ze zijn zo verdwenen.’ Op vakantie gaan is ook een probleem. Het ‘bijzondere tweetal’ is snel compleet van slag als het uit de vertrouwde omgeving wordt gehaald, als de dagen opeens anders verlopen. En een paar weken boven op elkaar leven, nee, dat moet je niet doen.

Hij zit in de tweede klas van het gymnasium in Deventer, en heeft het al behoorlijk druk. ‘Als pappa of mamma mij moet overhoren gaat dat moeilijk als Martijn er bij is. Maar dan doen ze het als hij naar bed is. Het lukt dus wel.’ Vader en moeder hebben goed in de gaten dat de extra zorg voor twee van de kinderen snel ten koste kan gaan van de andere twee. Vandaar dat Timo geregeld met zijn vader de tribune bij Go Aghead Eagles beklimt; ze hebben een seizoenskaart. En met zijn moeder deelt hij de interesse voor geïmproviseerd theater. Ze bezoeken samen wel ’s een voorstelling.

Martijn een grote lastpak noemen valt bij Timo niet goed. Hij neemt het direct op voor zijn broertje. ‘Hij doet ook wel veel zelf, hoor. Maar ik moet wel vaak komen helpen, als iets weer ’s niet lukt. Maar je kunt ook gewoon met hem spelen. Ik neem hem wel ’s mee naar buiten. Gaan we met wat vriendjes voetballen. Dan is het heel leuk om te zien dat hij plezier heeft.’

pagina 1/1 vorige pagina/volgende pagina
Verstuur een e-card!